Regelfetisjisten met identificatieproblemen Waarom gedreven regelfetisjisten gevaarlijk kunnen zijn

De kok uit het restaurant waar ik werk houdt van regeltjes handhaven en identificeert zich graag met wat ze doet, net zoals ontelbaar veel anderen. Op het eerste gezicht niet bijzonder problematisch, het klinkt zelfs bijna als een effectieve levensstrategie. Gelukkig ben ik er om jullie te waarschuwen voor deze mensen. Ik besefte namelijk dat deze gewoonten naast tenenkrommend, ook ontzettend schadelijk zijn.

Door Lieve de Vreede 

Het restaurant staat bekend om haar biologische, duurzame karakter. Laatst at er een groep van veertig mensen, waarna de schalen met eten voor driekwart gevuld terugkeerden. Iedereen vond het lekker, maar het was veel te veel. Ik vond het gek; hoe kan een ervaren kok zich nou zó vergissen in een hoeveelheid eten? Het toetje volgde en omdat van tevoren al bedacht was wat dat moest worden, stonden er veertig borden klaar met op elk bord drie stukken zelfgemaakte taart. Drie. Met de enorme hoeveelheid artikelen over milieuvervuiling, voedselverspilling en klimaatverandering in mijn achterhoofd protesteerde ik bij het uitserveren. Ik waarschuwde dat de mensen de drie stukken taart nooit op gingen krijgen en dat we straks nog veel meer eten weg zouden moeten gooien. De kok bleef borden vullen en gunde me noch een blik noch een woord waardig. De mensen aan tafel schoten in de lach toen ik het toetje neerzette: “Is dit voor één persoon?” Vier van hen hoefden niet en vijf mensen waren überhaupt al vertrokken na het hoofdgerecht. Het toetjesmoment liep snel ten einde; geen één bord was leeg en van de meeste borden was nog geen stuk taart gegeten. Ook in de keuken stonden nog onaangeroerde kant-en-klare borden taart. Ik vroeg de keuken of we de stukken taart die nog intact waren, misschien konden hergebruiken. Een verwijtende blik volgde van de leidinggevende chef-kok; “Ik serveer geen borden twee keer.” Zo. Die zat. Daar was ze trots op. 

Waarschijnlijk zal elke kok die zichzelf serieus neemt beamen dat een bord twee keer serveren uit den boze is. Deze wijze van een discussie beëindigen – dit is de regel, houd nu je mond– wordt sowieso vaak gehanteerd. Als kind hoorde ik het dagelijks, maar ook sinds mijn volgroeiing wordt mijn mond vaak gesnoerd met regels. Ik weet mijn mateloze irritatie hiervoor meestal aan het feit dat ik nu eenmaal een filosofiestudente ben wier mond zich niet graag laat snoeren. Eigenwijs voelde ik me op zulke momenten en ik hield me, met tegenzin, stil. Maar ik besefte plots dat deze dogmatische manier van denken meer schade kan berokkenen dan alleen een gekrenkt filosofenzieltje. Dat er door deze soort mensen een kans is dat we ons mooie bolletje niet kunnen redden van catastrofen. Als het duurzaamste restaurant van een studentenstad in een ontwikkeld land op deze manier te werk gaat, wat betekent dit dan wel niet voor de rest van de wereld? Er bekroop me een beklemmend gevoel. Hoog tijd voor bewustwording dat we ons nooit meer op zo’n manier mogen laten dissen. Die bewustwording begint met een analyse van de gemaakte denkfout, welke tweeledig is: regelfetisjisme gecombineerd met een identificatiefout.

Regelfetisjisme

We hebben het misschien niet altijd door, maar veel mensen houden ongelooflijk veel van regels. Ze zijn bruikbaar in de opvoeding van je kinderen, in bedrijfsvoering, en dus ook in het winnen van discussies. Ze zijn onmisbaar. Wat een regel tot een goede regel maakt, is de mate waarin de regel een bepaald doel dient. Middelbare schoolfilosofie: elke norm is afgeleid van een waarde. Niet de norm is waar het uiteindelijk om draait, maar de waarde. Het is dus belangrijk voor een goede regel dat haar doel (de waarde) ook altijd voor ogen wordt gehouden. Wanneer ik mijn OV-kaart vergeet moet ik voor mijn treinkaartje betalen. Toch kan ik een keer per jaar geld terugvragen; wanneer ik aan kan tonen tijdens de betreffende reis wel in het bezit te zijn van een geldig abonnement. Waarom? Omdat de regel dat je een kaartje bij je moet hebben een bepaald doel dient. Dat doel is natuurlijk niet dat iedereen zo’n kaart daadwerkelijk op zak heeft – de waarde hiervan is onzichtbaar- maar dat uiteindelijk iedereen betaalt voor de reizen die hij of zij maakt. En uiteindelijk natuurlijk dat de NS geen verlies maakt, kan blijven bestaan, en mensen treintripjes kunnen blijven maken. Het is dus logisch om geld terug te geven wanneer ik een keertje mijn abonnement ben vergeten, ik zit het doel dat bereikt moet worden tenslotte niet in de weg.

cartoon lieve
Cartoon door Lieve

De regel van de kok uit mijn eerste voorbeeld voldoet niet aan de eis voor een goede regel, of moet op z’n minst opnieuw bekeken worden. Immers, als de kok had nagedacht, dan zag zij in dat de waarde “hygiëne” minder belangrijk is dan de waarde “leefbaarheid van de aarde”. Je mag dan dus iets minder strenge hygiëne-eisen stellen. Onaangeroerde taarten serveren valt zeker onder voldoende hygiënisch én aardbehoudend handelen, wat wenselijk is. Nu zou je terecht kunnen stellen dat er een risico is dat een van de gasten GHB of andere narigheid in het gebakje gestopt zou kunnen hebben. Wanneer die mogelijkheid niet uit te sluiten valt, dien je alsnog je beleid aan te passen op de actualiteit. Zo moet je de nieuwe regel invoeren: serveer eerst één stukje taart, en vermeld daarbij dat er de optie is om een tweede stukje te krijgen. Allemaal regels die in eerste instantie absurd lijken voor de gemiddelde horecamedewerker. Echter, het is inmiddels vrij duidelijk dat de aard van onze gewoontes nu juist datgene is wat niet deugt en snel moet veranderen. “Zo doen we het al jaren” is anno 2016 écht geen geldige tegenwerping meer. Helaas voor onze aarde vergt het bepalen van de waarde achter de regels die je handhaaft extra denkstappen. Regels blind handhaven is veel makkelijker. Niet gek dat veel mensen zich het liefst gewoon aan de geldende norm willen houden.

Identificatiefout

Het regelfetisjisme leidt niet noodzakelijk tot problemen. Er zijn immers een hoop niet-kortzichtige mensen die de kok erop hadden kunnen wijzen dat zij haar regels wat moet aanpassen. “Hey, ik heb er even wat langer over nagedacht en omdat we voedselverspilling willen terugdringen gaan we sommige gerechten twee keer serveren!“ of “Omdat we merken dat we de hoeveelheid slecht kunnen inschatten gaan we in eerste instantie minder uitserveren, met de optie om wat bij te bestellen.” Probleem opgelost, toch? In sommige gevallen zal dit inderdaad zo gaan. In het geval van de kok – en tot mijn grote spijt is dit dus geen zeldzaam type – identificeert zij zich met wat zij doet. Welnu, dit lijkt op zich een goede strategie. Wie je bent wordt immers grotendeels bepaald door wat je doet. Maar wie je bent wordt ook, en naar mijn idee nog sterker, bepaald door hoe je tot je acties komt. De kok uit het restaurant identificeert zich onder andere met het feit dat zij borden nooit twee keer serveert. Haar kok-zijn bestaat dus (voor een groot deel) uit het handhaven van de koksregels, zou je kunnen zeggen. Waarschijnlijk heeft ze de serveerregel op haar koksopleiding een ontelbaar aantal keren moeten aanhoren en is ze blij dat ze nu eindelijk eens iemand anders de les mag lezen. Wanneer ze twee keer zou moeten nadenken over alle dogma’s die haar in die drie jaar voorgeschoteld zijn, wat stelt haar opleiding tot kok – pardon, chefkok dan nog voor? Wat als blijkt dat frietjes veel lekkerder worden wanneer ze vijf minuten in plaats van zes minuten gefrituurd worden? Wat als eten dat onaangeroerd is soms ineens wél een tweede keer geserveerd mag worden? Wat als je groepen de optie geeft om bij te bestellen in plaats van ervan uit te gaan dat iedereen eet als een hongerige volwassen man? Het veiligst is het simpelweg ontkennen van alternatieven, hetgeen de kok deed. Je krijgt regels aangereikt, maakt ze je eigen door ze vaak genoeg te herhalen, en identificeert je vervolgens met gedrag dat conform die regels is. Makkelijk en veilig voor jezelf, maar daarom des te gevaarlijker voor de wereld.

Bewustwording van waar het fout gaat is één. Nu nog zorgen dat je die fout zelf niet begaat en, even belangrijk, anderen blijven wijzen op die fout. Toen ik op een avond in de tentamenperiode een foto in de UB moest maken en mijn vijftienjarige zusje niet mee naar binnen mocht om me te helpen, vroeg ik de jonge portier of hij soms erg van regeltjes hield. De jongen antwoordde dat hij als jurist wel moest. Ik schrok; deze jongen studeerde. Met intelligentie had dit alles dus niets van doen! Ik wees hem erop dat hij het doel van de regel, studeerplekken voor RUG-studenten creëren, vergat. “Ik kan toch niet de één wel toelaten en de ander niet?” antwoordde de jongen. Gelukkig bedacht hij zich op tijd dat er geen enkele student in Groningen verongelijkt zou reageren wanneer een vijftienjarig meisje zonder studentenkaart de UB eventjes binnen mocht om te helpen bij het maken van een foto. De jongen liet ons toe, zij het alleen op de eerste verdieping. Hij vond me waarschijnlijk onuitstaanbaar en bijdehand, maar mijn opluchting compenseerde de schaamte. Op de dag dat we regelfetisjisten niet meer op hun zwakte durven wijzen, zal de wereld pas echt aan haar ondergang beginnen.

Facebooktwittertumblrmail

Lieve was redacteur vanaf de winter van 2013 tot aan de zomer van 2016, en zette haar analytisch vermogen niet zelden in om sociale omgangsvormen te duiden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *