Je moeder en cheeseburgers Column

Op een filosofiefaculteit doet het bezit van een smartphone eerder af aan je geloofwaardigheid als geleerde dan dat dit hieraan bijdraagt. De tijd doden tijdens saaie colleges – ze bestaan – doe je met oog op je academische loopbaan liever met een vergeten naziwerk van Heidegger dan met ‘grammetjes’ en ‘filoselfies’. De status van de smartphone is nu eenmaal een wat oppervlakkige. Toch is er een keerzijde. Hoewel het schrijven van een invloedrijk filosofisch werk vrijwel onmogelijk is op zo’n schermpje – behalve misschien op de Samsung Galaxy W – kun je met sommige toepassingen je omgeving wel degelijk een belezen dienst bewijzen. Taal is ons intellectuele vervoersmiddel en de smartphone kan een fenomenale rol spelen in therapie voor het afleren van de meest irritante taalgewoonte. Niet stotteren, niet slissen, zelfs geen Groningse tongval, maar onze duivelse stopwoorden kun je met het net zoveel gehate als geliefde apparaatje de kop indrukken.

Door Lieve de Vreede

Ik bedoel niet een of ander technisch complexe applicatie-uitbreiding, maar ‘gewoon’ de WhatsApp zoekfunctie. Het idee: je typt een woord in en WhatsApp geeft je alle gesprekken waarin dat woord (of iets wat er erg op lijkt) werd gebruikt. Handig, ik zocht namelijk naar een digitale conversatie waarvan ik me vaag kon herinneren dat ik een foto fantastisch noemde. Het lukte me niet het gesprek terug te vinden door te zoeken op het woord ‘fantastisch’, maar mijn interesse werd wel gewekt. Ik probeerde ‘haha’, en mijn scherm was prompt gevuld met schaterlachen van mij en mijn virtuele maatjes. Helaas werd ook het cynische duiveltje in mij wakker, want de keren in de week dat ik hardop om mijn telefoon lachte zijn op een hand wel te tellen. Ik had desalniettemin de smaak te pakken – het had een beetje dezelfde aantrekkingskracht als het afluisteren van mensen die over je aan het roddelen zijn.

Ik vervolgde mijn zelf-afluistertocht met ‘super’. Au. Ook ‘super’ als deel van een ander woord popte op. Superleuk, supermooi, superlekker, superchill… ‘Chill’, weer zo een, die mogelijk tot nog meer afgrijzen leidde. Ergens ben ik er nog steeds van overtuigd dat het woord ‘chill’ alleen écht de lading dekt wanneer Def P. en de Beatbusters in een bubbelbad zitten. Met Katja Schuurman op hun schoot. Toch leek de gewoonte om situaties, personen en voorwerpen die niets met ultieme ontspanning te maken hebben een chille duiding te geven een haast compulsieve. Bij de zoekresultaten van ‘lekker’ moest ik een beetje overgeven en na ‘leuk’ besloot ik dat het tijd werd om aan mijn woordenschat te werken.

Vastgeroest in kringen waar iedereen dezelfde woorden gebruikt, heb je niet door dat er bij buitenstaanders van binnen iets kapotgaat als je zowel een cheeseburger als je moeder ‘superchill’ noemt. Bewustwording van die slechte gewoontes is, zoals cognitieve gedragstherapie voor compulsieve gewoonten ons leert, de eerste stap om ze af te leren. Mag ik mezelf de ontdekker van de eerste educatieve en – laten we eerlijk zijn ook de eerste sociaal bevorderlijke functie van WhatsApp noemen?

Ik denk van wel, en het wordt nog mooier. Zelfs met schrale computerwetenschappelijke kennis durf ik te stellen dat het een eitje is om een audioversie te programmeren, als het even kan met strafoptie. Om ‘chill’ uiteindelijk terug te brengen naar echte ontspanningssituaties zullen we haar helaas eerst moeten associëren met het tegenovergestelde. Je smartphone telt en indexeert je stopwoorden en bestraft je naarmate deze de spuigaten uit lopen. Hij elektrocuteert je of – iets minder gedateerd maar voor de gemiddelde jongere niet minder catastrofaal – deelt automatisch een duimpje uit aan een willekeurig persoon op Facebook. We zullen binnen de kortste tijd van de meest onuitstaanbare leegtevullers ‘zegmaar’, ‘ofzo’ en ‘enzo’ verlost zijn en in plaats van anderen het idee te geven dat ze met de zeesterrenvriend van ’s werelds favoriete spons in gesprek zijn, houden we ons gewoon stil wanneer we het even niet weten. Uhhh, nee. Zeg maar even niets.

Geen geheel onbelangrijke en iets minder dictatoriale bijkomstigheid: behaalde indices zijn voor elitaire slimmeriken buitengewoon bruikbaar om te vermelden op Grinder-, Tinder-, Happen- of Second Love-profielen. Zelfs jongens zonder baard, opgepompte steroïde-armen en opgeschoren kapseltjes worden naar links geswiped zolang de ‘Seinsvergessenheit’-index van die week boven de acht zit. Praten over de vergetelheid van het zijn kan zomaar eens een chille bubbelavond met Katja opleveren.

Facebooktwittertumblrmail

Lieve was redacteur vanaf de winter van 2013 tot aan de zomer van 2016, en zette haar analytisch vermogen niet zelden in om sociale omgangsvormen te duiden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *