De snijd-en-plak-industrie

De snijd-en-plak-industrie

Een hopeloze strijd tegen ouderdom

Plastische chirurgie is populairder dan ooit. Hoe heeft deze industrie zich door de tijden heen ontwikkeld en wat voor soorten plastische chirurgie bestaat er? Waarom zijn we zo bang voor de ouderdom en waarom is plastische chirurgie hier geen goede oplossing tegen? Olivier zoekt het voor ons uit. 

Ik zag laatst de film ‘Birdbox’ op Netflix. Naast dat het niet zo’n denderende film was, onthield ik het beeld van Sandra Bullock: strakgetrokken jukbeenderen, onnatuurlijk tuitende lippen en een neus die op frappante wijze versteld leek te zijn. Ik herinnerde me haar als een aantrekkelijke vrouw, maar nu leek er toch iets intrinsieks veranderd te zijn aan haar vroegere schoonheid. Ze leek op een hele vreemde manier verouderd te zijn.
Het is duidelijk wat hier is gebeurd. Ze heeft zich overgeven aan het fenomeen plastische chirurgie. Om te onderzoeken waarom iemand voor zoiets zou kiezen, ga ik kijken hoe plastisch chirurgie is ontstaan en waarom (sommige) mensen liever synthetisch dan natuurlijk ouder willen worden.

Een korte geschiedenis

In het oude Egypte was er een farao genaamd Ramses de Tweede die zo’n mooie neus had, dat deze na zijn dood volgepropt werd met graankorrels en een botje. Op deze wijze bleef zijn neus mooi voor de Goden, geloofden de Egyptenaren. Rond zeshonderd voor Christus waren er Indische geschriften geschreven die uitleg gaven over neuscorrecties. Hierbij werd een deel van het voorhoofd gebruikt als ondersteuning van de neus. In de badplaatsen van het Romeinse rijk konden Joden hun identiteit niet verbergen omdat deze als gebrandmerkt in de afwezigheid van hun voorhuid zat. Om toch volledig op te gaan in de Romeinse samenleving lieten zij hun penis bewerken van besneden naar onbesneden, een proces dat te gruwelijk is om te beschrijven. 

In de middeleeuwen werden deze primitieve versies van plastische chirurgie verboden verklaard. Van God mocht men niet in men snijden. Tijdens de Renaissance kwam hier een einde aan en werden de Indische geschriften teruggevonden en gebruikt om syfilis tegen te gaan. De mensen die aan deze venerische kwaal leden, kregen een slap neusbotje, waardoor de neus inzakte. Om niet hun verdere leven met een wapperende neus rond te lopen, werd er kraakbeen uit de nek of hals gehaald om als nieuwe neusbotjes te fungeren. Deze ingreep verliep niet altijd even efficiënt: als de patiënten te hard niesten, vlogen die nieuwe neusbotjes er weleens uit.

Hierna was het een aantal eeuwen stil in de snijd-en-plak-industrie, totdat in de negentiende eeuw de naam “plastische chirurgie” werd bedacht, geïnspireerd door het Griekse woord plastikos, vormen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd plastische chirurgie noodzakelijk omdat de wonden van granaatscherven, geslepen scheppen en mortieren op de gezichten van soldaten dringend gelaatreconstructies vereisten. Na deze vier jaar van gruwelijk kinderleed en rouwende ouders, werd “America Association of Plastic Surgeons” opgericht. Deze groep Amerikanen was geïnspireerd door de gevolgen van het oorlogsgeweld en beloofden burgers (zonder uit elkaar geschoten gezichten) de eeuwige jeugd. Ze kregen echter pas voet tussen de deur na nog een wereldoorlog met reclames voor nieuwe neuzen, facelifts, liposucties en grotere borsten.  Aangezien plastische chirurgie van het oplappen van de neuzen van dode farao’s, naar gelaatreconstructies verzorgen voor aan gort geschoten soldaten ging, heeft het best vooruitgang geboekt. Maar nadat het door Amerika ontdekt is, heeft de snijd-en-plak-industrie toch weer zijn weg naar het banale gevonden.

Aangezien plastische chirurgie van het oplappen van de neuzen van dode farao’s, naar gelaatreconstructies verzorgen voor aan gort geschoten soldaten ging, heeft het best vooruitgang geboekt. Maar nadat het door Amerika ontdekt is, heeft de snijd-en-plak-industrie toch weer zijn weg naar het banale gevonden.

Decadente en noodzakelijke plastische chirurgie

Plastische chirurgie is dus van alle tijden. In elke tijd heeft het zo zijn functie. Waar het in het verleden vooral religieuze, maatschappelijke of medische waarde had, is het nu grotendeels een werktuig voor schoonheid. Na het lezen van deze geschiedenis, heb ik besloten plastische chirurgie in twee categorieën te delen: noodzakelijke en decadente plastische chirurgie. Noodzakelijke plastische chirurgie is vooral voor medisch gebruik, zoals tijdens de Eerste Wereldoorlog. Maar ook maatschappelijk en religieus, zoals bij de Joden in het Romeinse rijk.
Maar tegenwoordig wordt plastische chirurgie vooral gebruikt voor het verwijderen van onwennigheden in het lijf. Dat is decadente plastische chirurgie. Dit wordt door twee verschillende redenen gemotiveerd, namelijk: om aan een bepaald schoonheidsideaal te voldoen of om ouderdom tegen te gaan.

Ouderdom

Schoonheidsidealen zijn natuurlijk interessant: hoe de vrouwelijke modellen in de jaren vijftig nog een buikje hadden en in de jaren zeventig vieze snorretjes in waren… Maar om echt te begrijpen waarom iemand, zoals Sandra Bullock bijvoorbeeld, aan de botox en dergelijke begint, wil ik me richten op het aanpassen van je lijf tegen de ouderdom.
Eerst moet het duidelijk zijn wat ouderdom is. Ouderdom is een onderdeel van vergankelijkheid. Vergankelijkheid is de tijd die zijn sporen nalaat op organismen. Het is tegelijkertijd het vergaan van de dingen en het ontstaan. Ouderdom is een gevolg van dit systeem. Het is het gevolg van het verloop van de tijd. Maar waar vergankelijkheid deels een opbouwende, creërende kracht bezit, lijkt ouderdom slechts een afbouwende kracht.
Ouderdom is een kloterige eikel. Van jongs af aan lijkt ie zo ver als onrecht in een ander continent, om daarna subtiel aantrede te maken in de dood van je huisdier, grootouder, de eerste grijze haren, inhammen en uiteindelijk de o zo gevreesde rimpels… Maar wat we hierbij vergeten is dat ouderdom onderdeel van vergankelijkheid is en zo ook een creërende kracht bezit.

Als kind gaat ouder worden namelijk gepaard met dat je groeit, leert lopen en spreken. In de puberteit is de ouderdom nog duidelijker: het overgaan van een kind in een volwassene. Maar na de twintigerjaren lijkt ouder worden alleen maar ellende te brengen. Het haar dat zo enthousiast was komen te groeien wordt grijs of verdwijnt, vrouwen die lang met hun borsten mochten pronken zien deze nu slap worden. De huid die zo strak en pril was begint te hangen, alsof ouderdom er met zijn klauwen aan trekt. In dit stadium wordt ouderdom niet meer toegejuicht, slechts gevreesd. Het lijkt zijn weg naar de dood te maken. En dat doet het ook.

Dit is een enge gedachte. De dood is een onvermijdelijk mysterie, zoals Camus zo mooi beaamt: “De tijd jaagt ons schrik aan omdat zij ons het bewijs geeft, de oplossing komt pas naderhand.”De dood is de reactie van je ouders die nog komen moet, als je iets ongelooflijks stoms heb gedaan. De dood zijn de blauwe vinkjes die zo schrijnend onbeantwoord blijven als je je crush op een date vraagt. De dood is het onvermijdelijke en het mysterieuze in een, en het eindpunt van de ouderdom. En naast dat je niet weet wat er volgt uit de onvermijdelijke dood, is het ook het einde van je leven. Het einde van alles wat je kent, bent en bezit. Het einde van je vrienden, je familie, je geliefden… Het einde van je ambities en je dromen, van alle momenten die je hebt meegemaakt en zo hartstochtelijk had willen bewaren. Zo is ouder worden al helemaal niet leuk.

Daarom is het streven naar een eeuwige jeugd toch begrijpelijk en misschien helpt de illusie die plastische chirurgie veroorzaakt wel tegen de angst voor de dood. Misschien is het fysieke behoud van de jeugd (tenminste de poging) een goed medicijn tegen het besef en de pijn dat ons leven eindig is. Als dit het geval is, zou het misschien volgens deze wijze werken: doordat je je verouderde lijf vernieuwt tot het lijf dat het vroeger was, voelt het alsof je jeugd nooit geëindigd is. Misschien als je lijf er jonger uitziet, voel je je ook jonger. Misschien is het niet zo gek om tot plastische chirurgie over te gaan. De rimpels in je jukbeenderen strak zetten, het vet in je onderbuik wegzuigen, de slapheid in je borsten opvullen, je neus verstellen en de kale plekken op je hoofd met balhaar bedekken. Nee. Dit verwoed vechten tegen de ouderdom doet denken aan opruimwoede of koopgekte. Om de leegte in jezelf op te vullen koop je maar een nieuwe jas, om de chaos aan gedachten te ontwijken, ruim je de zolder op. Pillen voor de pijn genezen de kwaal niet.

Tegen degenen die toch nog cosmetische maatregelen willen nemen om de eeuwige jeugd na te streven, kan ik alleen dit zeggen: je gaat dood. Sterker nog, je sterft al een tijdje. Je stierf terwijl je uit je moeders vagina in doktershanden  op de wereld werd gebracht, je stierf toen je je eerste stapjes zette, je stierf toen je naar school ging en besloot filosofie te studeren en je blijft sterven terwijl je drinkend van je koffie dit artikel leest. Als ouderdom kon praten had hij dit al meerdere malen gezegd, wellicht geroepen. Want het is noodzakelijk dit te herinneren als je tegen de tijd wil vechten. Je kan niet tegen de ouderdom vechten, de dood is een onbetwiste winnaar. Om een voor de hand liggend metafoor aan te halen, kan ik je zeggen dat je niet tegen de stroming in moet zwemmen maar je mee moet laten nemen totdat je op de rotsen van de waterval het loodje legt. Als je je gaat verzetten tegen de stroming wordt het alleen maar zwaarder, wellicht verzuip je zelfs eerder.

Een nieuw medicijn (geen pijnstiller)

Laten we nu zo iemand voorstellen die zich overgeeft aan de snijd-en-plak-industrie. Ouderdom is de verwezenlijking in ons lijf van de tijd die verstrijkt. Dat merkt deze persoon ook op. Naarmate hij ouder wordt, wordt hij rauwer en zwakker. Hij zit vast in een baan, moet voor de kinderen zorgen en de huur betalen, zonder ome overheid die hem van stuffie voorziet. Hij wordt minder mooi en zijn leven wordt minder mooi. Tenminste niet meer zo interessant als het in zijn jeugd was. Hij wordt saai (angstvallig ziet hij zich in zijn vader veranderen), chagrijnig en verantwoordelijk. Maar dat is wat het leven van hem eist. Dat is wat de ouderdom van hem eist.

Wat deze persoon vergeet is dat de verandering (waarbij hij zijn schoonheid verliest) juist ruimte geeft voor schoonheid in het algemeen. Schoonheid bestaat niet zonder verval. Schoonheid is de verheerlijking van het moment, een erkenning dat het leven naast dat het sterft, ook mooi kan zijn. Zelfs oneindig. Als hij zijn jeugdige schoonheid niet verliezen kon, had hij het ook niet gemist. En de ervaring leert ons dat je iets pas echt waardeert als je het niet meer hebt. 

De ouderdom liet deze persoon ontstaan, mooi worden en liet hem dit mooi worden erkennen door hem weer lelijk te maken. Als hij op zijn twintigste was gestopt met verouderen, waren die volle bos haar of die rond borsten van zijn vriendin, helemaal niet meer belangrijk. Wat wel belangrijk zou zijn, is of hij innerlijk groeide. Of hij zich nog steeds aan dezelfde kleinigheden ergerde, op dezelfde manier de mensen om zich heen afstootte en zijn ambities onvervuld liet. 

En neem nu aan dat deze persoon in de tachtig is. Als hij innerlijk is gegroeid viel dat ouder worden best wel mee. Hij kan nu wel de humor van al dat narcistische gemijmer inzien. Hij komt er zelfs achter dat het leven best te doen is zonder implantaten of jeugdig schoon. Hij zit comfortabel in zijn verschrompelde oude lijf, kijkt tv, leest soms een boek en praat eens in de week wat af met zijn vrienden. Hij kan zich zelfs als een idioot gedragen. Laatst pakte hij een voorbijganger bij de arm om te vragen waar de Albert Heijn is en kwam hij niet uit zijn woorden, wat een vaag onsamenhangend verhaal teweeg bracht. Tot zijn verbazing luisterde die jongeling geduldig naar zijn verhaal en had deze zelfs een soort respect voor hem. Nu komt deze persoon erachter dat hij kan doen wat hij wil, nu hij oud is. Hij lult wat tegen mensen aan in de bus, scheldt soms zonder reden een fietser uit en gaat zitten als hij wil zitten, waar hij zich ook bevindt. Hij hoeft niet meer naar de sportschool, houdt de dagelijkse beweging tot het pakken van een bier uit de koelkast. Soms vertelt hij filosofische theorieën die nergens op slaan. Domweg om de reactie van de mensen te zien, die hem wijs achten omdat hij oud is. Hij rookt zich de filistijnen in, stervend is hij toch al een tijdje. Maar bovenal laat hij alles zoals het is. Zijn uiterlijk, zijn lijf, zijn gedachten, zijn verlangens… Het leven waar hij vroeger zo hartstochtelijk aan vastklampte, bezinkt. Hij kan zeggen dat het goed is. En het eigenlijk altijd goed is geweest.

Facebooktwittertumblrmail
Avatar

Olivier Van Eijk

Olivier is redactielid sinds 2019, tevens dichter en zijn eindeloze zoektocht naar het absurde typeert zijn schrijven.

Related Posts

Natuur in het parlement

Natuur in het parlement

Filosoferen over het samenzweren

Filosoferen over het samenzweren

Martin Buber

Martin Buber

As-salāmu alaykum, wa ʿalaykumu s-salām

As-salāmu alaykum, wa ʿalaykumu s-salām

No Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *