Alle berichten van Lieve de Vreede

Lieve was redacteur vanaf de winter van 2013 tot aan de zomer van 2016, en zette haar analytisch vermogen niet zelden in om sociale omgangsvormen te duiden.

Je moeder en cheeseburgers Column

Op een filosofiefaculteit doet het bezit van een smartphone eerder af aan je geloofwaardigheid als geleerde dan dat dit hieraan bijdraagt. De tijd doden tijdens saaie colleges – ze bestaan – doe je met oog op je academische loopbaan liever met een vergeten naziwerk van Heidegger dan met ‘grammetjes’ en ‘filoselfies’. De status van de smartphone is nu eenmaal een wat oppervlakkige. Toch is er een keerzijde. Hoewel het schrijven van een invloedrijk filosofisch werk vrijwel onmogelijk is op zo’n schermpje – behalve misschien op de Samsung Galaxy W – kun je met sommige toepassingen je omgeving wel degelijk een belezen dienst bewijzen. Taal is ons intellectuele vervoersmiddel en de smartphone kan een fenomenale rol spelen in therapie voor het afleren van de meest irritante taalgewoonte. Niet stotteren, niet slissen, zelfs geen Groningse tongval, maar onze duivelse stopwoorden kun je met het net zoveel gehate als geliefde apparaatje de kop indrukken. Lees verder Je moeder en cheeseburgers Column

Regelfetisjisten met identificatieproblemen Waarom gedreven regelfetisjisten gevaarlijk kunnen zijn

De kok uit het restaurant waar ik werk houdt van regeltjes handhaven en identificeert zich graag met wat ze doet, net zoals ontelbaar veel anderen. Op het eerste gezicht niet bijzonder problematisch, het klinkt zelfs bijna als een effectieve levensstrategie. Gelukkig ben ik er om jullie te waarschuwen voor deze mensen. Ik besefte namelijk dat deze gewoonten naast tenenkrommend, ook ontzettend schadelijk zijn.

Door Lieve de Vreede 

Het restaurant staat bekend om haar biologische, duurzame karakter. Laatst at er een groep van veertig mensen, waarna de schalen met eten voor driekwart gevuld terugkeerden. Iedereen vond het lekker, maar het was veel te veel. Ik vond het gek; hoe kan een ervaren kok zich nou zó vergissen in een hoeveelheid eten? Het toetje volgde en omdat van tevoren al bedacht was wat dat moest worden, stonden er veertig borden klaar met op elk bord drie stukken zelfgemaakte taart. Drie. Met de enorme hoeveelheid artikelen over milieuvervuiling, voedselverspilling en klimaatverandering in mijn achterhoofd protesteerde ik bij het uitserveren. Ik waarschuwde dat de mensen de drie stukken taart nooit op gingen krijgen en dat we straks nog veel meer eten weg zouden moeten gooien. De kok bleef borden vullen en gunde me noch een blik noch een woord waardig. De mensen aan tafel schoten in de lach toen ik het toetje neerzette: “Is dit voor één persoon?” Vier van hen hoefden niet en vijf mensen waren überhaupt al vertrokken na het hoofdgerecht. Het toetjesmoment liep snel ten einde; geen één bord was leeg en van de meeste borden was nog geen stuk taart gegeten. Ook in de keuken stonden nog onaangeroerde kant-en-klare borden taart. Ik vroeg de keuken of we de stukken taart die nog intact waren, misschien konden hergebruiken. Een verwijtende blik volgde van de leidinggevende chef-kok; “Ik serveer geen borden twee keer.” Zo. Die zat. Daar was ze trots op.  Lees verder Regelfetisjisten met identificatieproblemen Waarom gedreven regelfetisjisten gevaarlijk kunnen zijn

Ongelijkheid op het zebrapad Column

Door Lieve de Vreede

Ik veroorzaakte afgelopen week een ongeluk. Door de stromende regen fietste ik, met capuchon op, me plots realiserend dat ik nog naar de Albert Heijn moest. Ik sloeg abrupt linksaf zonder om te kijken of een ledemaat uit te steken, in de veronderstelling dat ik genoeg snelheid had om niemand ermee tot last te zijn. Daar lag ze. Als een dominosteentje (nou ja, dominografzerk) was ze met fiets en al gekapseisd, met haar gezicht plat op het natte asfalt. Een vrouw van middelbare leeftijd met een lekker praktische, turquoise regenjas. Zó praktisch dat deze een simpele stuurbeweging naar links blijkbaar niet toeliet. De vrouw sprak op  trage, lijdende toon, met nadrukkelijke pauzes tussen elk woord. “Ja. Ik heb erge pijn. Ik ben ook duizelig. Is mijn wang dik?” Ik antwoordde dat dit wel meeviel, wat niet eens een leugen was. Ze herhaalde de zinnetjes meerdere malen om te benadrukken dat ik haar serieus moest nemen. Er was schade aan haar luxe fiets. De zijkant van het gelzadel, zo’n smerig ding dat hoogstwaarschijnlijk uitermate functioneel is om last van een enorme, stijve vrouwenreet tegen te gaan, was een klein beetje kapot. Ook was er volgens haar (zo scherp was ze nog wel) ‘iets’ van de fietslamp afgebroken wat voor mij niet meer te traceren was. Aan mijn fiets, die zo’n tachtig keer minder had gekost dan die van haar, mankeerde niets, dankzij een mooie reddings-slide waarover ik helaas geen compliment heb mogen ontvangen. Ondanks het feit dat ik in zowel juridisch als moreel opzicht hartstikke fout zat, irriteerde het me dat ik zo lang werd opgehouden. Gelukkig wist ik mijn ‘poeslieve’ stem tevoorschijn te toveren en toonde de vrouw mijn zogenaamde bezorgdheid en spijt. Ik kon die 100 euro van mijn eigen risico er deze maand even niet bij hebben.  Lees verder Ongelijkheid op het zebrapad Column

De cadeautjesimperatief Column

Ik vind het fenomeen ‘cadeau’ al lange tijd erg intrigerend. Het extraatje dat eigenlijk toch verplicht is, de ‘vrijwillige bijdrage’ die door een chagrijnige juffrouw gevraagd wordt in het openbaar toilet. Onlangs heb ik een verandering doorgemaakt in mijn houding ten opzichte van het geven en krijgen van cadeautjes. Filosofisch vrij oninteressant zou je denken. Totdat ik drie fasen in mijn cadeau-geschiedenis onderscheidde die me sterk deden denken aan de morele ontwikkelingsstadia van Lawrence Kohlberg. Er leek in deze drie fasen namelijk sprake van een zekere vooruitgang. Is een cadeau dan niet alleen een beleefdheids- of aardigheidsetiquette, maar inderdaad een indicatie van morele vaardigheid waarvoor wellicht zelfs morele principes op te stellen zijn? Een overzicht van mijn cadeaugedrag.
Lees verder De cadeautjesimperatief Column

De Filosofie als iPhone Column

Er heerste verontwaardiging in zaal Omega toen Jos Kessels tijdens een gastcollege bij het vak Philosophical Interventions aangaf een voorstander te zijn van een HBO filosofieopleiding. Ik betrapte mezelf erop dit ook een slecht idee te vinden, zonder hier echt argumenten voor te hebben. Zoals veel mensen niet kunnen uitleggen waarom broer en zus toch niet met elkaar naar bed mogen als ze een condoom gebruiken. Je komt niet verder dan dat het ‘gewoon niet hoort’. En dat is voor mij, als filosofiestudente voor wie argumenten heilig zijn, natuurlijk niet voldoende reden.

Door Lieve de Vreede

Filosofie studeren voegt iets fundamenteel waardevols toe aan ons leven. Zoals Rob Wijnberg het vorig jaar december ook al mooi formuleerde in ‘De dag dat leren nadenken te duur werd bevonden’1, is het niet belangrijk wat je ermee kunt worden, maar wie je ermee wordt. Ook al zijn er genoeg beroepen uit te oefenen met je filosofiediploma, dit is niet waarom je filosofie studeert. Het is de studie der studies en daarom hoogstaander dan een opleiding. Zo’n intellectueel hoogstandje op het HBO aanbieden zou de filosofie zelf degraderen. We kennen het allemaal; wanneer je die simpele buurman in je favoriete en o-zo-exclusieve restaurant aantreft zal de buurman in kwestie niet leuker worden. Nee, het restaurant is ineens niet zo boeiend meer.

Lees verder De Filosofie als iPhone Column